Het Belastingpakket voor 2014 bevat in de loonsfeer geen verrassingen. Onderstaand de belangrijkste punten.
Voorgesteld wordt de crisisheffing met één jaar te verlengen. De regeling wijzigt overigens inhoudelijk niet. Als grondslag zal dus gelden het loon waarover in 2013 loonbelasting is geheven. Het tarief blijft 16%.
Stamrechtvrijstelling
De stamrechtvrijstelling wordt ingaande 1 januari 2014 afgeschaft, inclusief het stamrechtsparen. De MvT zegt hier over: Die afschaffing heeft tot gevolg dat vanaf 1 januari 2014 ontvangen vergoedingen ter vervanging van gederfd of te derven loon in het jaar van ontvangst volledig in box 1 in de heffing worden betrokken.
Bestaande stamrechten mogen worden afgewikkeld op basis van 80% van de waarde van de aanspraak (respectievelijk het tegoed van de stamrechtrechtspaarrekening of de waarde van het stamrechtbeleggingsrecht). Het maakt niet uit waar het stamrecht is ondergebracht en evenmin waar het geld voor wordt aangewend. Dit betreft een éénmalige mogelijkheid in 2014. Revisierente is niet aan de orde als de waarde van de aanspraak als bedrag ineens wordt uitgekeerd (ook na 2014).
Voor op 31 december 2013 bestaande stamrechten blijven de oude regels van toepassing.
Buitenlandse ziektekostenaanspraken
In de Wet LB wordt nu bepaald dat de (sinds 1 januari van dit jaar door de werkgever verschuldigde) Zvw-bijdrage niet tot het loon behoort (artikel 11d). Conform toezegging geldt dit straks ook voor vergelijkbare bijdragen die op dit punt in het buitenland moeten worden betaald.
Afdrachtvermindering onderwijs
De afdrachtvermindering onderwijs wordt, zoals eerder aangekondigd, omgezet in een subsidie.
S&O
Voorgesteld wordt de eerste schijf te verlengen van € 200.000 naar € 250.000, zodat het hoge S&O-percentage van toepassing is op een groter deel van de loonkosten. Wel gaat het hoge tarief omlaag gaat 38 naar 35%. Verder wordt de mogelijkheid van een jaaraanvraag vergroot, net als de mogelijkheden om de afdrachtvermindering te verrekenen met de af te dragen LB.
Tarieven
De tariefschijven voor de IB/LB worden niet gecorrigeerd voor inflatie.
Werkkostenregeling
De toegezegde verlenging van het keuzeregime met een jaar tot 1 januari 2015 is in het Belastingpakket 2014 opgenomen.
Verscherping inleenaansprakelijkheid op termijn
Al sinds 2009 staat het vervangen van het G-rekeningenstelsel door een depotstelsel op de agenda: storting vindt dan plaats op een rekening bij de ontvanger en niet meer een bankrekening van de uitlener. Voortgesteld wordt om, nadat het depotstelsel in werking is getreden, niet-gecertificeerde uitleners te verplichten een depot aan te houden bij de ontvanger. Deze verplichting geldt voor de uitleners die zich op grond van de WAADI bij de KvK moeten registreren. De inlener (of doorlener) wordt in dat geval verplicht 35% van de inleensom (incl. BTW) te storten bij de ontvanger. Doet de inlener dit niet, dan kan hem een verzuimboete van maximaal € 4.929 worden opgelegd. Daarbij kan de inlener op een eenvoudige manier aansprakelijk worden gesteld voor de niet-gestorte 35% van de inleensom.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten